Door Nel Bries
Krijg je soms een ongemakkelijk of akelig gevoel bij het zien van kleine gaatjes? Dan heb jij misschien wel ‘trypofobie’, ook wel ‘angst voor gaatjes’ genoemd. Onderzoek wijst uit dat een op de tien hier last van heeft. De patronen die een reactie uitlokken kunnen heel variërend zijn, evenals de reacties zelf: van jeuk en rillingen tot misselijkheid en braakneigingen.
Een bijenkorf, spons of uitgebloeide zonnebloem: het zijn allemaal voorbeelden van mogelijke triggers voor mensen met trypofobie. “De fobie uit zich bij mij vooral in een grote ongemakkelijkheid. Meestal zijn het online foto’s die mij triggeren, maar fysieke zaken, zoals een honingraat, hebben dat ook al wel gedaan”, vertelt Anlies (23). “Gelukkig is dat niets dat je dagelijks tegenkomt, dus het belemmert mijn leven niet echt.”
“Ik vond de gaten in de rug angstaanjagender dan de larven”
Triggers
Sociale media zouden een grote rol spelen in het stimuleren van de fobie, aangezien beelden gemakkelijk verspreid worden. Ook Anlies maakte een van haar eerste confrontaties online mee. “Toen ik een jaar of twaalf was, zag ik een video van iemand op vakantie in een tropisch land”, legt ze uit. “De man in de video had enkele gaten in zijn rug waarin vliegen eitjes hadden gelegd. Niet veel later kwamen er dan uiteraard larven uit die eitjes, die uiteindelijk uit die gaatjes in zijn rug kropen. Ik vond de gaten in de rug angstaanjagender dan de larven. Die video ben ik nooit meer vergeten.”
Onderzoek wijst uit dat sociale media een aansporende rol spelen in het verspreiden van de fobie, maar het is zeker niet de doorslaggevende factor. De angst wordt in de hand gewerkt door er online over te lezen, maar komt ook voort uit een aangeboren gevoeligheid. Kinderen van drie jaar kunnen zelfs last hebben van de fobie, dat wijst dus wel degelijk op een natuurlijke afkeer.

“Ik was al een tiener toen ik ontdekte dat ik een lastig gevoel ondervond van gaten, vooral patronen. Maar dat ik echt een fobie had drong wel pas jaren later door”, vertelt Anlies. “Die realisatie kwam stilaan tot stand doordat ik meerdere ongemakkelijke situaties ervaarde”
“Het zijn vooral gaten in de huid of gerelateerd aan het menselijk lichaam die mij een ongemakkelijk gevoel geven”

Symptomen
Mensen die lijden aan trypofobie kunnen uiteenlopende klachten of symptomen ondervinden. Zo kan iemand minimale klachten ervaren omdat ze niet vaak een confrontatie ervaren, terwijl iemand anders op dagelijkse basis last kan ondervinden. Experts spreken van zowel emotionele als fysieke klachten. Voorbeelden hiervan zijn misselijkheid, zweten en hartkloppingen. Door de onaangename gevoelens die de fobie met zich meebrengt, gaat trypofobie vaak ook gepaard met vermijdingsgedrag.
“Het zijn vooral gaten in de huid of gerelateerd aan het menselijk lichaam die mij een ongemakkelijk gevoel geven”, vertelt Anlies. “Hierdoor ondervind ik er zelf niet al te vaak last van of stuurt het mijn leven niet dramatisch. Ik kan het op die manier relativeren en er komisch mee omgaan. Ik besef dat er fobieën bestaan die het leven van een persoon veel harder kunnen beïnvloeden.”
Cognitieve werking
De oorzaak van het probleem werd achterhaald door onderzoek naar de processen die in ons brein plaatsvinden. Trypofobie uit zich bij individuen die een unieke en andere waarneming hebben. Hun hersenen reageren anders op bepaalde visuele prikkels.
Onderzoek toont aan dat mensen met trypofobie andere associaties leggen bij het zien van verontrustende beelden. Zo hebben zij een grotere gevoeligheid om verbanden te leggen met huidziektes of schimmels. Ook bedorven eten wordt vaak gerelateerd aan het zien van kleine gaatjes. De hersenen leggen onbewust verbanden met onaangename zaken, wat maakt dat mensen geprikkeld worden en een ongemakkelijk gevoel ervaren. Die associatie valt te verklaren door de evolutionaire aard van de mens. Door natuurlijke selectie en instinct om te overleven zijn sommigen van ons nog alert op zaken die wij als giftig, gevaarlijk of bedreigend kunnen ervaren.
Confrontatie
“Ik ervaar gelukkig niet veel last van mijn trypofobie, omdat ik weet wat voor beelden of situaties ik moet vermijden. Er zijn vast mensen met de fobie die hier meer last van ondervinden dan ik’, vertelt Anlies. “Ondertussen weet ik dat het helpt om er de ironie van in te zien.” Experts verklaren dat blootstellingstherapie toch stimulerend kan werken om de fobie tegen te gaan. De confrontatie brengt ongetwijfeld angst en verafschuwing met zich mee, maar kan er voor zorgen dat zulke gevoelens verdwijnen en de fobie uiteindelijk weggaat.