Door Pauline Corthouts
Iedereen kent wel iemand die van alles verzamelt, van postzegels tot voetbaltruitjes. Verzamelen is van alle tijden. Maar waarom doen mensen het? Sommigen doen het uit nostalgie, voor anderen speelt status een rol. Tom Jacobs verzamelde niet om de spullen, maar om de kick van het koopje. Hij vertelt over zijn dagelijkse uitstapjes naar de kringloopwinkel en het gevoel dat hem dat gaf.

Kringloopwinkelen: een vaste middagactiviteit
“Toen ik in de jaren ’90 bij het Rode Kruis werkte, bevond het hoofdkwartier zich nog in Elsene. Ik wandelde elke middag tijdens mijn pauze naar de Spullenhulp in de Amerikaanse straat. Die winkel bestaat nog steeds, al is hij nu veel georganiseerder dan toen. Destijds was het een rommeltje, maar dat had zo zijn charme. Wat begon als een paar middaguitstapjes, groeide uit tot een dagelijks bezoek aan de kringloopwinkel. Het werd mijn vaste middagactiviteit. Ik verliet de winkel zelden met lege handen. Er was altijd een goed koopje of een voorwerp waarvan ik dacht: dit kan ik niet laten liggen.”
“Een specifieke verzameling had ik niet. Ik verzamelde over het algemeen leuke oude spullen. Uiteindelijk belandde het merendeel daarvan in dozen, met het idee dat ze ooit van pas zouden komen. Wat uiteindelijk niet het geval was. Wel had ik een tijdlang een fascinatie voor fervent glazen: wijnglazen, portoglazen, bierglazen of piepkleine glazen. Ik had glazen in alle maten en vormen. Hoewel ik al een groot deel van die verzameling heb weggegeven, telt mijn collectie nog een duizendtal exemplaren. Er mag al eens een glas breken.”
"Tussen het grofhuisvuil vond ik talloze leuke tafeltjes en stoelen. Op een bepaald moment werd die manier van ontruiming stopgezet. Heel spijtig. Dat waren echt de gloriedagen."
Van puur functioneel tot dagelijks ritueel
Zijn zoektocht naar oude spullen voor een kleine prijs begon al eerder. Nog voordat hij bij het Rode Kruis werkte, bezochten Tom Jacobs en zijn toenmalige partner regelmatig rommelmarkten. “Daar deden we soms de zotste dingen. We stonden bijvoorbeeld om vier uur ‘s nacht op om als eersten op de markt aan te komen. Omdat we toen samen een huis inrichtten, waren die uitstappen grotendeels functioneel. Toch kocht ik vaak spullen die ik helemaal niet nodig had, zoals bakelieten voorwerpen, oude ventilatoren of compleet nutteloze dingen. De enige voorwaarde wat dat ze goedkoop moesten zijn. Dat was de echte uitdaging: iets kopen voor een goede prijs en je daarna goed voelen omdat het een koopje was. Keerde ik met lege handen terug naar huis, dan voelde ik teleurstelling. En dacht ik: shit, vandaag niks. Hopelijk morgen beter.”
Schatten vond hij niet alleen op rommelmarkten, maar ook in de straten van Brussel. Vroeger werd grofvuil daar gewoon nog op straat gezet. Antieke voorwerpen en designmeubelen kwamen rechtstreeks uit de chique herenhuizen en belandden op straat om opgehaald te worden. “Tussen het groothuisvuil vond ik talloze leuke tafeltjes en stoelen. Op een bepaald moment werd die manier van ontruiming stopgezet. Heel spijtig. Dat waren echt de gloriedagen.”

Rommelmarkt in eigen huis
“Tegenwoordig verzamel ik niet meer zoals vroeger. Op een bepaald moment heb ik mezelf voorgenomen alle voorwerpen zonder functie weg te doen. Toch zit er nog veel in dozen. Maar de meeste spullen kan ik probleemloos weggegeven, zeker als ik er iemand plezier mee doe. Misschien is dat net het bijzondere aan mij: ik koop vaak spullen met het idee dat ik er iemand blij mee kan maken of dat ze ooit van pas zullen komen. Onlangs organiseerde ik zelfs een rommelmarkt in eigen huis. Ik stalde allerlei voorwerpen uit en nodigde vrienden uit. Ze mochten meenemen wat ze wilden. Niemand nam iets mee.”
“Toch zou het me niet veel doen als alles wat ik bezit in één vingerknip zou verdwijnen. Het enige wat voor mij echt telt, zijn foto’s of voorwerpen die gelinkt zijn aan mijn familie. Zo kreeg ik onlangs het dagboek van mijn vader in handen. Hij was een jaar lang krijgsgevangene tijdens de Tweede Wereldoorlog. Over die periode schrijft hij in zijn boek.”
"Misschien is dat het bijzondere aan mij: ik koop vaak spullen met het idee dat ik er iemand blij mee kan maken of dat ze ooit van pas zullen komen."
Kringloopkriebels
“Ik heb al lange tijd geen voet meer gezet in een kringloop- of vintagewinkel. Ik weet dat als ik nu zo’n winkel of rommelmarkt zou binnenstappen, die drang meteen terugkomt. Ik zou mezelf niet kunnen inhouden bij leuke spullen voor een goede prijs."
*Tom Jacobs is een pseudoniem